Etnisch profileren

Missie
Onze missie is dat etnisch profileren niet meer voorkomt bij de politie, bij de Koninklijke Marechaussee en bij boa’s. Daartoe zet de overheid in op bewezen effectieve instrumenten tegen etnisch profileren. De instrumenten worden geïmplementeerd, er wordt op toegezien dat iedereen zich er aan houdt en er wordt gemonitord of etnisch profileren afneemt. Samengevat streven wij ernaar dat de politie, de KMar en gemeenten:

  • Erkennen dat etnisch profileren gebeurt.
  • Het gebruik van etniciteit in risicoprofielen verbieden.
  • Monitoren of controles eerlijk plaatsvinden.

Hoe vaak komt etnisch profileren voor?
Er bestaan in Nederland geen data over de omvang van etnisch profileren. Uit onderzoek dat wij in 2019 uitvoerden onder bijna 2000 respondenten in Amsterdam blijkt dat 41% van de mannen met een niet-westerse achtergrond in Amsterdam in het afgelopen jaar door de politie werd aangesproken. Amsterdamse mannen met een niet-westerse migratieachtergrond werden, zo blijkt,  twee keer vaker gecontroleerd dan Nederlands-Nederlandse mannen. Respondenten met een niet-westerse migratieachtergrond deelden stevige onvoldoendes uit aan de politie: minder dan de helft van de respondenten vond dat de politie goed luisterde en rechtvaardig handelde. Amsterdammers zonder migratieachtergrond gaven daarentegen ruime voldoendes. Over etnisch profileren door de KMar en boa’s bestaan geen cijfers.

Gevolgen van etnisch profileren
Etnisch profileren schaadt het vertrouwen in wetshandhavers en gaat ten koste van effectieve criminaliteitsbestrijding. De documentaire ‘Verdacht’ geeft inzicht in de persoonlijke impact van etnisch profileren. In deze film’ doen Nederlanders verslag van hun soms bizarre en onthutsende ervaringen met de politie, waarbij hun huidskleur hen tot verdachte maakt. De veertien geïnterviewden hebben uiteenlopende beroepen (installateur, leraar, advocaat, militair, politieagent), ze verschillen in leeftijd en in afkomst. Ze hebben één overeenkomst: de politie wil regelmatig van ze weten wat ze hier doen, waar ze naar toe gaan en hoe ze heten.

Beleid
Sinds 2017 kent de politie het handelingskader proactief controleren. Hierin staat dat de politie iemand niet mag controleren omdat “hij (op het oog) tot een groep behoort die oververtegenwoordigd is in de misdaadstatistieken of omdat hij wat betreft enkel zijn uiterlijk in die buurt ‘niet thuishoort’.” Dit handelingskader is helaas bij veel agenten onbekend, zo blijkt uit onderzoek en uit eigen ervaringen van Controle Alt Delete.

De KMar heeft geen beleid tegen etnisch profileren. Zij stellen zich zelfs, in tegenstelling tot de politie, op het standpunt dat etniciteit onderdeel mag uitmaken van een risicoprofiel. Gemeenten, die vaak de werkgever zijn van boa’s, hebben ook geen beleid tegen etnisch profileren. Bij de politie, de KMar en boa’s worden controles niet systematisch geregistreerd. Daardoor is er geen toezicht mogelijk op de eerlijkheid van het werk op straat.

Successen
Samen met onze samenwerkingspartners en vele Nederlanders hebben we bereikt dat de politie erkent dat etnisch profileren meer dan incidenteel voorkomt. Dat leidde er toe dat de politie beleid maakte waarin staat dat oververtegenwoordiging in de criminaliteitsstatistieken geen reden mag zijn voor een politiecontrole. Onze zorgen dat agenten het beleid niet kennen leidde ertoe dat de politie gaat monitoren hoeveel agenten bekend zijn met het beleid. De politie werkt aan een app waarmee – mogelijk – gemonitord kan worden of politiecontroles eerlijk plaatsvinden.