Ook etnisch profileren bij coronaboetes

De politie deelde disproportioneel veel coronaboetes uit in de etnisch-cultureel diverse straten van Den Haag, Rotterdam en Utrecht.

Ook etnisch profileren bij coronaboetes

De politie deelde in de eerste drie maanden na de ingang van de coronamaatregelen disproportioneel veel boetes uit in de etnisch-cultureel diverse straten van Den Haag. Dat blijkt uit onderzoek dat Controle Alt Delete uitvoerde in samenwerking met Vrij Nederland. De patronen die etnisch profileren zichtbaar maken zijn ook aanwezig in Rotterdam en Utrecht. In Amsterdam is dat niet het geval. De analyse, uitgevoerd door onderzoeker Daudi van Veen, onderschrijft de bestaande zorgen over ongelijke wetshandhaving in Den Haag en Rotterdam, maar ook in Utrecht.

Op verzoek van journalist Frederike Geerdink van Vrij Nederland publiceerde de politie een overzicht van alle coronaboetes die werden uitgedeeld in de eerste drie maanden na ingang van de coronamaatregelen. Het gaat hierbij hoofdzakelijk om boetes voor onvoldoende afstand houden. In totaal schreven de agenten in die eerste maanden ruim 15.000 boetes uit in heel Nederland.

In het Excel document dat de politie aanleverde zijn de boetes gecategoriseerd op politie-eenheid, gemeente en straatnaam. Hierin stond ook het aantal uitgedeelde coronaboetes per straat. Wanneer in een straat maar weinig boetes werden uitgedeeld (minder dan twee boetes) werd de locatie niet geregistreerd in verband met de herleidbaarheid. In deze analyse ligt het vergrootglas op de boetes die zijn uitgedeeld in de vier grote steden van Nederland: Amsterdam, Den Haag, Rotterdam en Utrecht.

Met de beschikbare gegevens was het niet mogelijk om te achterhalen of Nederlanders met een niet-westerse migratieachtergrond disproportioneel vaak coronaboetes kregen in vergelijking met Nederlanders zonder een migratieachtergrond. Het was wel mogelijk om te achterhalen of coronaboetes disproportioneel vaak werden uitgedeeld in straten waar een grote groep bewoners met een niet-westerse migratieachtergrond woont. Hiervoor hebben we gebruik gemaakt van de diversiteitsgegevens van het CBS over de stad, de straat en de omliggende 500 vierkante meter. Een straat waar meer dan 50% van de bewoners een niet-westerse migratieachtergrond heeft, hebben we aangemerkt als een etnisch-cultureel diverse straat. Ook hebben gebruik gemaakt van de diversiteitsgegevens van het CBS over alle wijken en buurten in de vier grote steden. Wijken en buurten waar meer dan 50% van de bewoners een niet-westerse migratieachtergrond heeft, hebben we voor het gemak aangemerkt als een etnisch-cultureel diverse wijk. Het is overigens wel aannemelijk dat de mensen op straat een goede afspiegeling waren van de buurt waarin ze zich bevonden. Dat geldt zeker voor de eerste drie maanden van de coronacrisis, waarin het openbare leven nagenoeg tot stilstand kwam.

Resultaten
In de eerste drie maanden na ingang van de coronamaatregelen zijn de meeste coronaboetes (die terug te traceren zijn naar specifieke straten) uitgedeeld in Rotterdam (854), gevolgd door Den Haag (630), Amsterdam (380) en Utrecht (92). Onderstaande tabel laat de resultaten zien van de analyse in Amsterdam, Den Haag, Rotterdam en Utrecht.

Amsterdam

Den Haag

Rotterdam

Utrecht

% bewoners in stad met een niet-westerse achtergrond

35%

33%

38%

24%

% bewoners in een buurt/wijk met een niet-westerse achtergrond

25%

31%

25%

6%

% coronaboetes in diverse straten (tenminste 50% van bewoners een niet-westerse achtergrond)

33%

69%

48%

27%

% bewoners met een niet-westerse achtergrond in straten met hoog aantal boetes (>20 boetes)

80%

73%

36%

0%

% bewoners met een niet-westerse achtergrond in straten met middel aantal boetes (10-19 boetes)

25%

56%

54%

23%

% bewoners met een niet-westerse achtergrond in straten met laag aantal boetes (<9 boetes)

45%

47%

52%

34%


Percentage coronaboetes in etnisch-cultureel diverse straten
De resultaten zijn op twee manieren inzichtelijk gemaakt. De eerste manier is het percentage coronaboetes in etnisch-cultureel diverse straten. Zo werd in Den Haag 69% van de coronaboetes uitgedeeld in straten waar tenminste de helft van de bewoners een niet-westerse migratieachtergrond heeft. Slechts 31% van Hagenezen woont in een etnisch-cultureel diverse wijk en maar 33% van de Hagenezen heeft een niet-westerse migratieachtergrond. In Rotterdam werd 48% van de coronaboetes uitgedeeld in etnisch-cultureel diverse straten, terwijl maar 25% van de bewoners in een etnisch-cultureel diverse wijk woont, en maar 38% een niet-westerse migratieachtergrond heeft. In Utrecht zijn in de eerste drie maanden relatief weinig coronaboetes uitgedeeld (92). Toch zijn in Utrecht 24% van de coronaboetes uitgedeeld in etnisch-cultureel diverse straten, terwijl slechts 6% van de bewoners in een etnisch-cultureel diverse wijk woont. In Amsterdam verschilt het percentage coronaboetes in etnisch-cultureel diverse straten (33%) niet veel van het percentage personen die in etnisch-cultureel diverse wijken woont (25%).

Percentage bewoners met een migratieachtergrond in straten met veel coronaboetes
De tweede manier waarop de resultaten inzichtelijk gemaakt zijn, is door te berekenen wat het gemiddelde percentage is van bewoners met een niet-westerse migratieachtergrond in straten waar een laag, midden of hoog aantal coronaboetes is uitgedeeld. In Den Haag is in vier straten een hoog aantal (>20) boetes uitgedeeld. In deze straten heeft 73% van de bewoners een niet-westerse migratieachtergrond. De straten waar een middel (10-19) en laag (<9) aantal coronaboetes zijn uitgedeeld hebben ook een hoger percentage van bewoners met een niet-westerse migratieachtergrond (56% respectievelijk 47%) dan het stadsgemiddelde (33%).

Ook in Rotterdam hebben de straten waar een middel (10-19) en laag (<9) aantal coronaboetes zijn uitgedeeld een hoger percentage van bewoners met een niet-westerse migratieachtergrond  (54% respectievelijk 52%) dan het stadsgemiddelde (38%). De straten waar een hoog aantal (>20) coronaboetes zijn uitgedeeld, hebben een iets lager percentage van bewoners met een niet-westerse migratieachtergrond (36%) dan het stadsgemiddelde (38%).

In Amsterdam is de enige straat waar een hoog aantal (20) coronaboetes werd uitgedeeld zeer divers  (80% niet-westerse migratieachtergrond). De straten waar een laag (<9) aantal coronaboetes zijn uitgedeeld hebben een hoger percentage van bewoners met een niet-westerse migratieachtergrond (45%) dan het stadsgemiddelde (35%). De straten waar een middel aantal (10-19) coronaboetes zijn uitgedeeld, hebben een lager percentage van bewoners met een niet-westerse migratieachtergrond (25%) dan het stadsgemiddelde (35%).

In Utrecht hebben de straten waar een laag (<9) aantal coronaboetes is uitgedeeld een hoger percentage van bewoners met een niet-westerse migratieachtergrond (34%) dan het stadsgemiddelde (24%). De straten waar een middel aantal (10-19) coronaboetes zijn uitgedeeld, hebben ongeveer hetzelfde percentage van bewoners met een niet-westerse migratieachtergrond (23%) als het stadsgemiddelde (24%).

Conclusie
In de Hofstad werd ruim tweederde van de coronaboetes (69%) uitgedeeld in etnisch-cultureel diverse straten, terwijl slechts 31% van de bewoners  in een etnisch-cultureel diverse wijk woont. In Rotterdam werd bijna de helft van de coronaboetes (48%) uitgedeeld in etnisch-cultureel diverse straten, terwijl 38% van de bewoners in een etnisch-cultureel diverse wijk woont. In Utrecht werd bijna een kwart van de coronaboetes (27%) uitgedeeld in etnisch-cultureel diverse straten, terwijl slechts 6% van de bewoners in een etnisch-cultureel diverse wijk woont. In Amsterdam was deze disproportionaliteit minder zichtbaar. De resultaten laten zien dat de politie in Den Haag, Utrecht, en Rotterdam, meer boetes uitdeelde in de straten waar veel mensen met een niet-westerse migratieachtergrond wonen dan op basis van het aandeel bewoners in etnisch-cultureel diverse wijken te verwachten viel. Hieruit trekken wij de conclusie dat de politie, met name in Den Haag maar ook in Utrecht en Rotterdam, disproportioneel veel boetes uitschreef in etnisch-cultureel diverse straten.

De analyse roept de vraag op hoe de politie precies te werk is gegaan. Het is denkbaar dat de Haagse, Rotterdamse en Utrechtse politie even vaak aanwezig was in alle buurten. Om dit te onderzoeken zou de politie inzicht moeten hebben in de locatiegegevens van politievoertuigen en agenten te voet. Doordat de politie deze gegevens niet verzamelt, kan de politie dit niet onderbouwen. Bovendien zou de politie moeten betogen dat de meeste overtredingen geconstateerd zijn in buurten waar veel mensen met een niet-westerse migratieachtergrond wonen. Ook hierover zijn geen data voorhanden. De politie registreert alleen de boetes, niet de waarschuwingen. Toch is het in Amsterdam, een stad met een groot aantal bewoners met een niet-westerse migratieachtergrond, wél goed gegaan. Hoe is de politie in Amsterdam te werk gaan in vergelijking met Den Haag, Rotterdam, en Utrecht?

« Meer dossiers